Terugvlucht (aan alles komt een einde)

Aan alles komt een einde, ook aan onze vakantie. Toch vertrokken we niet met een rotgevoel, omdat we naar ons idee alles hebben gedaan wat we wilden doen. En als we iets vergeten waren (zoals de Pinball hall of fame), kwam dat meestal omdat we nog tienduizend andere dingen aan het doen waren. We hebben een absurde hoeveelheid bucketlist items afgestreept en ervan genoten en onszelf regelmatig in de arm geknepen: jeetje, zijn we dit nu echt aan het doen?! Dit is voor ons dé vakantie van ons leven geworden en de smaak naar meer reizen hebben we nu te pakken. Daar hoeven we niet eens Europa voor uit.

De ochtend van vertrek zijn we vroeg opgestaan: 05:30. De koffers waren de avond ervoor al gepakt, iets wat wonderbaarlijk goed ging. Zelfs de Las Vegas-slurpee bekers pasten óf nog in de koffer of in de handbagage. De vertrek-kleren (warme) waren apart gelegd. We trokken ook allebei onze zware en grote hikingschoenen aan, dan hoefden die niet mee in de koffers. De Jeep was netjes schoongemaakt, ook al had Los Angeles alweer een dun laagje zand op de achterruit gelegd. De fles Captain Morgan die we nog soldaat hadden gemaakt en die half leeg was, is achtergebleven. Evenals mijn Lonely Planet ‘Coastal California’ boekje (in het Engels), ooit bij de bibliotheek gekocht voor 1 euro. De gallons water en miniflesjes waren allemaal op.

Rond half 7 vertrokken we naar Thrifty, om de Jeep in te leveren. Op de weg heen reed er ineens een Volkswagen met Duits kenteken voorbij. Die was wel heel erg ver van huis! Het was een ritje van niks en dus waren we ruim op tijd voor Thrifty. Het enige wat we hoefden te doen was de Jeep in de garage van Thrifty te zetten, de traveltab in te leveren en we mochten alweer weg. Niks uitgebreide nacontrole of afrekening; we konden naar het vliegveld!

img_4884

Een pendelbusje bracht ons naar LAX. Naast ons twee Duitsers, ook op weg naar huis. Het inchecken bij Wow begon rond 7:20 en we waren dus ruim op tijd. Ik had me LAX eigenlijk veel groter voorgesteld. Of het is langwerpiger, waardoor je de volle omvang niet echt ziet. Het was er betrekkelijk rustig, vond ik.

lax04

img_4892

Bij de incheckbalie stonden eindelijk weer mensen die Nederlands spraken. Brabanders. Wow air deed alles op zijn dooie gemakje en begon het inchecken pas rond 7:50 nadat ze eerst een omslachtig doolhof van lintjes in elkaar hadden geflanst. Het inchecken was een beetje roulette. Wow air had van die bakken klaarstaan om te checken of je handbagage wel netjes in hun vakjes paste. Veel mensen hadden een best wel grote backpack of koffer mee en kregen extra kosten. Ik werd al zenuwachtig, want mijn Eastpak rugzak met uitstekende Slurpee beker zou er zéker niet inpassen.

img_4907

Gelukkig liet de grondstewardess me zonder blikken of blozen door met een ‘shall pass’-lintje. Pure mazzel! Daarna begon de uitgebreide securitycheck. Alles weer uit: Garmin horloge, sieraadjes, telefoon, schoenen, sjaal. Door mijn Slurpeebeker en mijn piercings die er op een scan altijd uit gepikt worden, zag ik er waarsch. uit als een Hollandse wietrokende dopehead, want de securitydame deed een swipe van mijn handzweet. Uiteraard was ik ok. Daarna konden we door.

De souvenirwinkeltjes op LAX waren best wel tof en de boekenwinkels ook. Zo vond ik daar eindelijk ‘How to tell if your cat is plotting to kill you’ van Matthew Inman en vonden we nog een tof cadeautje voor Kiefer. Ik had nog wel meer uit die winkel willen meenemen 😛

Ook hier uiteraard weer een winkel met inaugurele meuk; gadgets met Trump of Hillary (een bobblehead bijv.) of een volledig met de hand genaaide Amerikaanse vlag.

Bij het inchecken bij de departure gate zag ik allemaal mensen met eten, drinken en taarten lopen. LITTLE DID I KNOW. Maar daar later meer over. Ik besloot in ieder geval geen extra water of eten mee te nemen, alleen wat energyrepen en Steph had een van de pakken stroopwafels mee die over was gebleven.

We zaten wederom redelijk goed in het vliegtuig, bij het gangpad. Dit werd onze eerste Wow air ervaring; we wisten toen nog niet wat dat inhield en hadden ons alleen ingelezen over het online inchecken (en dat hadden we netjes gedaan met onze geprinte tickets). Wel viel me op dat de stoelen een beetje spartaans waren: de gemiddelde treinstoel was luxer. Ook geen video- of entertainmentsysteem in dit vliegtuig: alleen een klepje met Wow air foldertjes en de veiligheidsinstructies. De stewardessen hadden wel mooie roze pakjes aan en ze hadden een typisch Ijslands uiterlijk: van die ijsblauwe ogen en de meeste van hen waren blond (eentje was man en leek weggelopen uit seventies ABBA). Ze gaven geen informatie over of we eten of drinken zouden krijgen.

Dit zou een vlucht van circa 7 uur worden. Ik had me voorbereid door ‘On the road’ van Jack Kerouac mee te nemen, daar was ik achteraf blij mee. Het was in het vliegtuig best wel koud, dus was ik blij met mijn meegebrachte fleecedekentje. Bij de eerste ronde met drinken nam ik dankbaar een bekertje heet water aan. Dat was dan 3 euro 40, zei de stewardess. Euh wait what. Ik bietste Steph om zijn creditcard en betaalde toch maar. Het kwartje viel. We vlogen met de Rynair van Ijsland: alles kost geld. Zelfs op een intercontinentale vlucht. Verwacht je in die 7 uur een warme maaltijd? Heb jij ff pech gehad: een bekertje opwarmnoodles of soep is het warmste wat je kunt krijgen, uiteraard tegen betaling. Aha, daarom waren die tickets natuurlijk zo goedkoop! 😀

Het duurde érg lang tot de volgende ronde kwam. En toen was ik de stroopwafels en energyrepen toch wel beu en kocht ik voor Steph en mezelf broodjes met sla, kipfilet en komkommer à 1100 Ijslandse kronen per stuk. Daarna maar de rest van de vlucht uitgezeten. Rondom ons zaten meer mensen die niet op de hoogte waren en ook verbaasd waren over de kosten. Ook passagiers die me continue uit mijn hazenslaapjes hielden: 1 huilbaby met zijn Ijslandse moeder die ze ook nog eens regelmatig meenam naar de wc die achter ons lag en een hyperactief jongetje met een hoog piepstemmetje die samen met zijn vriendje dat voor hem zat ook niet te stuiten was. Elke keer dat ik wakker van ze werd, werd mijn humeur slechter. Steph had mazzel met zijn net gekochte headphones met noise reduction: die hoorde het huilkind niet als-ie muziek luisterde.

Ik verwachte dat Keflavik airport een warme deken zou zijn, maar oei, viel dat ook even tegen. Het was er rond half 6 ’s morgens lokale tijd en er was bijzonder weinig open, behalve het Kvikk-café. De hele vlucht stond daar in de rij om -wederom- alleen koud voedsel te scoren (broodjes, taartjes, smoothies en sapjes) , iets wat de Ijslandse meiskes qua tempo niet zo konden bijbenen.

Gelukkig bleef de huilbaby en ouders achter in Ijsland en wij konden gaan boarden voor Amsterdam. We waren nu voorbereid, dus nam ik een flesje water mee. Het vliegtuig terug was ook weer erg koud. Maar gelukkig duurde de terugvlucht net geen 3 uur.

Het was weer zo fijn om de perfect rechte stukken weiland van Nederland te zien liggen bij het dalen en landen. Nog nooit waren we zo lang weggeweest uit Nederland en nu vond ik het fijn om het ineens weer te zien liggen.

Op Schiphol werden we opgehaald door Vince, met de Fiat. Er stonden wat spullen in de achterbak, maar waar ik het meest van schrok was hoe laag de Fiat ineens was! Ik was de enorm hoge instap van de Jeep gewend en ik dacht dat er iets mis was met de Fiat en hij nu te laag op zijn assen stond. Ook moesten we allebei weer wennen aan de kleinere binnenruimte van de Fiat. Volgens mij heeft het nog twee weken geduurd voor ik gewend raakte aan hoe laag onze eigen auto is. Het liefst zouden we morgen meteen een Jeep gaan kopen, maar ze gaan in de staat van onze Thrifty-Jeep uit 2015  algauw voor 60.000 euro tot een ton. Daar ga ik liever van op vakantie 😛

Ook het rijden op de Nederlandse wegen was weer wennen. Geen auto’s die elkaar rechts inhaalden, flinke ruimte bij een uitrit, iedereen die keurig in zijn ‘lane’ bleef rijden en vooral, lange, rechte stukken weg zonder heuvels. Eigenlijk best wel behoorlijk saai 😛

Het heeft ons ook een week gekost om weer normaal te kunnen slapen. De eerste paar dagen werden we allebei rond de de 4 uur wakker (niet logisch, want geen US opstatijd omgerekend) en kregen we rond drie uur ’s middags wegtrekkers. Zelfs nu nog slapen we anders dan voorheen: ik veel langer en dieper dan normaal en Steph wordt nog steeds ’s nachts op onchristelijke tijdstippen wakker.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s